La Gomera: het mooiste Canarische eiland

Volgens de kenners is dit met zijn ruige en adembenemende vergezichten het MOOISTE EILAND van de Canarische archipel.

Canarische verrassingen

Veel mensen piekeren er niet over om ooit naar een Canarisch Eiland te vliegen, omdat je daar alleen maar zon, zee en massatoerisme zou hebben. Dat massatoerisme is daar (Gran Canaria, Lanzarote en Tenerife) inderdaad, in soms beklemmende varianten. Maar met zon en zee is als zodánig natuurlijk niks mis. En op alle Canarische Eilanden zijn er ook minder drukke tot soms zelfs rustige stranden te vinden, net als allerlei aangename en minder drukke locaties en accommodaties.

Vergeleken met toeristenmagneten als Tenerife en Lanzarote is La Gomera, het op één na kleinste bewoonde eiland in de Canarische archipel, vrij onbekend. Onterecht, want met zijn ruige natuur, relatieve rust en adembenemende vergezichten is dit juist het mooiste eiland. Echt grote stranden zijn daar helemaal niet, en als er één paradijs is voor wandelliefhebbers, dan is dat wel dit groen begroeide, heuvelachtige en overal gevarieerde eiland met zijn dichte bossen, diepe barranco's en fraaie vergezichten.

La Gomera?

Waar ligt dat? Italië? Dat is ongeveer watje kunt verwachten als je vertelt dat je binnenkort vertrekt naar La Gomera, een van de kleinste en minst bekende Canarische Eilanden. Alleen het nog westelijker gelegen en nog kleinere El Hierro is, behalve misschien onder oceaan zeilers en whale watchers, nog onbekender. Opvallend, want La Gomera is niet alleen het mooiste eiland van de archipel, het heeft daarbij een niet onbelangrijke bijrol gespeeld in de geschiedenis: op 6 september 1492 vertrok vanuit de haven van de hoofdstad San Sebastian ene Cristóbal Cólon om een westelijke route naar India te zoeken.

Toen Columbus San Sebastian verliet, waren de Spanjaarden nog bezetters. Na de mislukte verovering van La Gomera door Jean de Béthencourt in 1402 duurde het nog bijna honderdjaar voordat de zwaarbewapende conquistadores het verzet van de pakweg tweeduizend Guanchen, de oorspronkelijke bewoners die noch metaal noch het wiel kenden en de kunst van het boten bouwen niet meer beheersten, wisten te breken.

Oorspronkelijke bewoners

Waar de eerste bewoners - die zich zo'n tweeduizend jaar geleden op de eilanden vestigden - vandaan kwamen, is onbekend. Lange tijd werd gedacht dat Berbers ooit de eilanden hadden weten te bereiken, maar Thor Heyerdahl, die hetzelfde probeerde met een rieten vlot vanaf de Marokkaanse kust, dreef de eilanden ruim voorbij. Een andere theorie is dat de eilanden ooit zijn bevolkt vanaf Cadiz of de kust van Algarve. Wie zich vanaf daar overgeeft aan de noordoostelijke passaatwind, heeft wel een goede kans de archipel te bereiken.

Veel sporen hebben de Guanchen niet nagelaten, maar restanten van een van hun heilige plaatsen zijn nog te zien op de top van de Fortaleza de Chipude (1241 meter); niet de hoogste berg van Gomera, maar wel de opvallendste en historisch de meest significante. De Guanchen noemden deze tafelberg met zijn loodrechte wanden Argoday, wat, net als het Spaanse fortaleza, 'vesting' betekent. Als de berg inderdaad de laatste standplaats is geweest van de Guanchen in hun strijd tegen de Spaanse veroveraars, zoals het verhaal gaat, dan konden ze de vijand in elk geval van verre aan zien komen - het uitzicht over het zuidwesten van het eiland is magnifiek De wandeling naar de top (3 uur vanaf het plaatsje Pavón) is zeer de moeite waard.

Het ronde eiland

Dat La Gomera nog altijd relatief onbekend is, dankt het eiland vermoedelijk aan het ontbreken van grote witte (en afgeladen) zandstranden, torenhoge hotelcomplexen, een bruisend nachtleven en - vermoedelijk niet op de laatste plaats - een vliegveld voor grote chartervluchten; wie op het veel grotere Tenerife aankomt, heeft pas ongeveer de helft van de reis erop zitten.

Van de luchthaven gaat de reis per bus of taxi verder naar de haven van Los Christianos. Van daaruit vertrekken de hele dag door snelle ferryboten naar het dertig kilometer verderop gelegen San Sebastian aan de oostkant van La Gomera, een tocht van ongeveer drie kwartier. Reizigers met bestemming Playa de Santiago kunnen daar kiezen om verder te gaan per auto (een rit van ruim een uur) of de Garajonay Expres (een boottocht je van pakweg twintig minuten).

 

 

Hoe dan ook: die extra reistijd is zeer de moeite waard. La Gomera, ook wel la isla redonda - het ronde eiland - genoemd. is het meest ruige en groene eiland van de archipel, met meer palmen dan alle andere eilanden samen. Het eiland, in feite de top van een vulkaan die op de oceaanbodem rust, heeft een doorsnede van nog geen 25 kilometer. maar biedt bezoekers desondanks een keur aan tochten (waarvan sommige behoorlijk zwaar zijn) langs adembenemende vergezichten.

Groots uitzicht

De hoogste berg van het eiland (Garajonay, 1486 meter). gelegen in het nationale park Garajonay (met het grootste laurierbos van de archipel) bijvoorbeeld, is vrij eenvoudig te beklimmen - als je tenminste eerst met de auto naar het park rijdt - en biedt bij helder weer uitzicht op Tenerife, Gran Canaria, La Palma en El Hierro. Het nationale park, met een laurierbos dat zo'n tien procent van het eiland beslaat, is de klimaatscheiding tussen het groene noorden en het warme zuiden.

De kustlijn rond het eiland bestaat uit zo'n vijftig barranco's: tot achthonderd meter diepe kloven die kilometers landinwaarts lopen en dikwijls eindigen in woeste ravijnen of prachtige groene valleien, zoals de legendarische Valle Gran Rey aan de westkust. De 'vallei van de grote koning' is vernoemd naar de Guanchen-koning Hupalupa die in 1488 de Spaanse gouverneur Fernán Peraza el Joven vermoordde, maar is nu vooral bekend om zijn vele restaurants, landbouwterrassen, en prachtige zonsondergangen. In deze Valle Gran Rey zijn een paar van de weinige zandstrandjes op het eiland te vinden, maar ook hier moet het Spaanse 'playa' niet al te letterlijk genomen worden; daarmee wordt elke plek aangeduid die aan zee ligt.

Ook Playa de Santiago in het zonnige zuiden van het eiland, ligt aan het uiteinde van zo'n kloof, de machtige Barranco de Santiago. La Gomera is te mooi, met te veel bezienswaardigheden en natuurschoon, om niet tenminste een paar dagen over het eiland te toeren.


 
 

Tips:

  • Los Organos, unieke verzameling basaltzuilen (de 'orgelpijpen') Uitsluitend met een boot te bereiken en dan nog alleen als de zee niet te ruig is. Een boottocht is altijd de moeite waard: tussen La Gomera en El Hierro zijn altijd verscheidene dolfijnsoorten te zien,
  • Castillo del Mar in Vallehermoso, de 'prachtige vallei' in het noorden. Fortachtig bouwwerk op een klip in de Atlantische Oceaan. Voormalig overslagcentrum voor bananen, nu café en cultureel centrum,
  • Valle Gran Rey, ooit een hippiecentrum, nu dé plek in het westen voor toeristen die houden van terrasjes en restaurants direct aan de oceaan. Bekend om zijn prachtige zonsondergangen,
  • Nationaal Park Garajonay, Unesco werelderfgoed, oerbos Laurisilva en de hoogste berg (Garajonay 1486 m) van het eiland. Bij helder weer uitzicht op Tenerife, Gran Canaria, La Palma en El Hierro,
  • Fortaleza de Chipude, markante tafelberg en heilige plaats van de Guanchen, de oorspronkelijke bewoners van La Gomera.
 
 

Algemene Informatie:

  • Beste periode: oktober tot juni. Aan de kust komt de temperatuur 's winters zelden onder de 18 graden, zomers bijna nooit boven de 27 graden,
  • Hou rekening met een reistijd van 12 uur van deur tot deur,
  • Een auto (overal te huur) is eigenlijk onmisbaar
  • Op het eiland is alles verkrijgbaar en niet noodzakelijk duurder dan in Nederland,
 
 


Dit artikel is overgenomen uit Arts, verenigingsblad van de VVAA, jaargang 72, nr 11, 1 juli 2006


 
 

terug

Reserveren?
Kom de sfeer proeven en boek voor een uitgeruste vakantie in Casa Doña Rosario:
Tel: 0034 - 922 895 248
Fax: 0034 - 922 895 206
e-mail: klik hier

Casa Doña Rosario, Calle Barranco Santiago 17, E - 38810 Playa Santiago de la Gomera - E-mail